Ing.  A.F.B. ter Braack

Datum:  28 september 2016

Onderwerp: Perikelen betreffende erkenning techniek drijfmest mixen met luchtbellen

Geachte heer/ mevrouw,

Naar aanleiding van regelmatig contact met politiek e.a. bij deze dit schrijven. Het gaat hierbij om de gang van zaken om de techniek drijfmest mixen met luchtbellen (Aeromix gemakshalve verder in het verhaal genoemd) door de overheid erkend te krijgen. Waarom zou er z.s.m. een erkenning moeten komen? Aeromix zorgt ervoor dat er tot 100 % reductie is van de drijfmestgassen ammoniak, methaan en waterstofsulfidegas vanuit de drijfmestopslagen.

Via onderzoeken, vele gesprekken en een hoorzitting is er getracht om de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO), de Technische Advies Commissie Regeling Ammoniak Veehouderij(Tac Rav) maar bijvoorbeeld ook de WUR te laten inzien dat Aeromix het systeem is waar de agrarische sector, mens, dier, natuur en milieu allemaal baat bij hebben. Een wettelijke erkenning voor het Aeromix systeem is er echter nog steeds niet van gekomen.

In tijdslijn nu even kort samengevat wat er vanaf 2014 is ondernomen om tot een erkenning te kunnen komen:

-       Februari 2014. Het eerste overleg met toenmalig secretaris van de Tac Rav om het Aeromix verhaal uit te leggen en te horen wat voor stappen er ondernomen zou moeten worden om het Aeromix erkend te krijgen. Gedurende het overleg goed laten voorlichten wat voor stappen er ondernomen moeten worden om tot erkenning te komen.

-       September/oktober 2014. Onderzoek laten doen (op dringend advies van de toenmalige secretaris van de Tac Rav) bij Dairy Campus van de WUR te Goutum. Bij goed resultaat zou het meer dan gerechtvaardigd zijn om een proefstalstatus aanvraag te doen voor 4 proefstallen zodat er ook een Voorlopig Emissie Factor (VEF) toegewezen zou worden.

-       In 2015 4 proefstallen aangevraagd die alle vier zijn goedgekeurd. Echter de laatste stal kreeg een Bijzonder Emissie Factor (BEF) van 9,1 wat volgens eigen regels van het RVO/Tac Rav eigenlijk niet kan. Er zou namelijk alleen (vanaf augustus 2015) nog maar een BEF afgegeven kunnen worden van 8,6 of lager.  Hierdoor kan er echter volgens hun zeggen (Tac Rav dus weer) geen Voorlopige Emissie Factor (VEF) afgegeven worden en dus schiet Aeromix er in feite niets mee op. Aeromix komt niet op de lijst Regeling Ammoniak en Veehouderij (RAV)

-       Oktober/november 2015. Aan de toenmalige secretaris van de Tac Rav aangegeven dat het meetprotocol voor het meten van emissie-arme vloeren mijn inziens niet volledig is vanwege het o.a. niet meten tijdens het mixen van drijfmest (bij Aeromix gebeurt dat namelijk wel). Dit vond hij een zeer goede/terechte opmerking en hij zou het meenemen in het overleg van de Tac Rav in december 2015. De opmerking is in de vergadering echter niet meegenomen als agendapunt.

-       Maart 2016. Een overleg gehad met de verantwoordelijk manager van het RAV bestuur (en dus ook van de Tac Rav organisatie), de volgende secretaris van de Tac Rav en de betrokken deskundige van de Tac Rav. Zij zouden ons alleen even uit leggen hoe de BEF theoretisch berekend was en daar zouden we het dan mee moeten doen. Echter ook in dat overleg is aan hen hun goed duidelijk gemaakt dat er betreffende Aeromix toch anders een BEF tot stand zou moeten komen  en er dat veel meer speelt. De praktijk moet men veel meer laten gelden. Het standaard meetprotocol voor emissiearme vloeren blijkt absoluut niet van toepassing voor het Aeromix-systeem

-       Maart t/m juni 2016. Er is veelvuldig mailcontact over en weer geweest met de manager van de Tac Rav om tot een betere BEF te komen en dus een VEF toegewezen te kunnen krijgen. Opvallend hierbij dat de Tac Rav veelvuldig aangeeft van het rekenmodel uit te gaan zoals dat ook wordt toegepast wordt om emissiefactoren van emissiearme vloeren te berekenen. Toen we om het rekenmodel vroegen (we konden dit pas krijgen nadat een WOB verzoek ingediend was) gaf de Tac Rav ineens aan dat het rekenmodel niet gebruikt zou zijn. Is dit rekenmodel dan nu wel of dus toch niet gebruikt?

-       Juni 2016. Er is een hoorzitting gehouden met een jurist van het RVO en de betrokken deskundige van de Tac Rav om hoor en wederhoor te hebben.  We hebben kunnen aangeven waarom we niet akkoord gaan met de vastgestelde BEF voor de laatste proefstal die een 9,1 kreeg. Door de jurist van RVO zijn we in het gelijk gesteld en dus zouden we een beter BEF moeten krijgen (onder de 8,6) en dus een VEF moeten krijgen. De jurist had een week later al een uitspraak ten gunste van Aeromix

-       Op 12 Augustus 2016 is er een brief ontvangen van de verantwoordelijke manager van de Tac Rav naar aanleiding van de hoorzitting. En helaas werd hierin wederom niks concreet toegezegd betreffende een beter BEF en dus een VEF

-       Op 17 Augustus is een beroepsschrift ingediend bij de rechtbank.  De rechter zal dus nu een uitspraak moeten doen.

Als we echter goed en duidelijk naar de beoordelinsregels kijken die ook bij andere systemen worden toegepast om op de RAV lijst te komen dan hadden we allang een VEF moeten hebben met het Aeromix systeem.

Het feit dat de Tac Rav zegt het wettelijke toegestane rekenmodel niet te hebben gebruikt voor het bepalen van een BEF voor de proefstallen terwijl we dat wel terug vinden in de schriftelijke onderbouwing die de Tac Rav voor de BEF blijft opmerkelijk.

Wij dragen juist vanuit de praktijk kennis aan waar men niet omheen kan.  De betrokken onderzoeker/manager heeft in een overleg, nadat het onderzoek op Dairy Campus  in Goutum had plaats gevonden, dan ook duidelijk aangegeven enorm verrast te zijn van de resultaten van het Aeromix systeem.

Waar het nu dan nu om gaat is dat er veel meer met de praktijk rekening gehouden moet worden als die veel betere en duidelijker informatie aanlevert. In de praktijk meten is en blijft het betere weten.

Als adviseur voor Bos Benelux ben ik zeer nauw betrokken geweest om het Aeromix systeem erkend op de RAV lijst te krijgen. Hiervoor is er dus veel contact geweest  met o.a. de Tac Rav om het Aeromix systeem dan ook erkend te krijgen. Dit is gedaan volgens hun adviezen en wat de wet op dit gebied voorschrijft. Het is dan als adviseur ook niet uit te leggen aan Bos Benelux dat het Aeromix nog geen VEF heeft van 8,6 of lager (vanwege een te hoge toegewezen BEF voor een van de proefstallen). En dit terwijl op 28 september 2016 wel bekend is geworden dat een emissiearme vloer een VEF toegewezen heeft gekregen van 9,1. Volgens de wet-/regelgeving had dat dan dus niet gekund.

Ik gun de fabrikant van de emissiearme vloer de erkenning natuurlijk van harte maar dan zou er ook erkenning voor het Aeromix systeem moeten zijn.

Als adviseur wil ik een eenduidig advies naar veehouders en agrarische toeleveranciers kunnen geven. Zodat zij een juiste en verantwoorde beslissing kunnen nemen betreffende investeringen en om daarbij de emissie van ammoniak en andere drijfmestgassen, sector breed, zoveel mogelijk te reduceren. Dit is echter niet mogelijk als de beoordelende instanties zich niet consequent aan hun eigen regels houden en daardoor de innovaties op dit gebied afremmen in plaats van stimuleren. 

Met vriendelijke groet, 

Ing. A.F.B. ter Braack

 

TerBraack